Beste SNO-ers,
De afgelopen weken heb ik diverse spelregelvragen ontvangen van onze leden. Prachtig om te zien dat velen van jullie zo actief bezig zijn met alle (recente) spelregelwijzigingen. Ik heb alle onduidelijkheden verzameld en ben hedenmiddag op bezoek geweest bij de KNVB, om aldaar alle onduidelijkheden bespreekbaar te maken.
De belangrijkste antwoorden staan hieronder weergegeven. Daarnaast zullen we tijdens de clubavond van 8 september aanstaande, welke ingevuld zal worden door onze technische commissie, naast de mentale gezondheid van een arbiter ook uitvoerig stil staan bij alle recente spelregelwijzigingen.
In het bekervoetbal werken wij vanaf dit seizoen met de 10 minutenregel bij een gele kaart. Spelers krijgen een tijdstraf van tien minuten na onsportieve overtredingen die bestraft worden met een gele kaart. In onderstaand overzicht staan alle overtredingen weergegeven waarvoor een 10 minutenstraf van toepassing is! Zoals je kunt zien betreft dit alleen overtreding waarbij onsportief gedrag van toepassing is. Bij alle andere overtredingen (zoals contactovertredingen) geef je 'gewoon' een gele kaart en blijft de speler op het speelveld!
Overzicht tijdstraffen bekervoetbal
De 10 minutenstraf is alleen van toepassing bij het bekertoernooi van de eerste elftallen. De enige uitzondering heeft betrekking op tweede elftallen, welke zijn ingedeeld bij eerste elftallen. Bij alle andere wedstrijden in de A-categorie is en blijft een gele kaart een gele kaart en is de 10 minutenstraf NIET van toepassing.
Tijdstraffen gelden alleen voor spelers (inclusief keepers) die op dat moment in het veld staan, dus niet voor wisselspelers of al gewisselde spelers. Als een tijdstraf nog niet voorbij is aan het einde van de eerste helft, gaat de tijdstraf na de rust verder. Ditzelfde geldt voor einde van de officiële wedstrijd en de verlenging. Een speler die nog een tijdstraf heeft aan het eind van een wedstrijd mag wél deelnemen aan een eventuele strafschoppenserie, omdat er geen tijdstraffen worden toegepast tijdens de strafschoppenserie.
Een tweede gele kaart in dezelfde wedstrijd, welke al dan niet zijn bestraft met een tijdstraf, leidt nog steeds tot een rode kaart.
Ook de keeper kan natuurlijk een tijdstraf krijgen. In het document hieronder lees je welke scenario's er mogelijk zijn wanneer dat gebeurt.
Instructie doelverdediger tijdstraf
Daarnaast is er gesproken over de vraag vanaf welke leeftijdscategorie deze nieuwe spelregels van toepassing zijn, aangezien de O13 met ingang van dit seizoen reeds 4 nieuwe spelregels geïntegreerd heeft gekregen, namelijk:
- Indribbelen / zelfpass bij uitbal: Bij een uitbal leg je de bal stil op de lijn en dribbel je zelf in; ingooien mag niet meer. Je mag zowel intrappen als wel indribbelen.
- Vrije trap / zelfpass: Na een vrije trap mag je de bal stilliggen en direct zelf indribbelen zonder eerst naar een medespeler te passen.
- Vliegend wisselen: Wisselen gebeurt doorlopend bij de middenlijn, zonder dat het spel daarvoor stil hoeft te liggen.
- Tijdstraf: Een gele kaart leidt tot een tijdstraf van 5 minuten langs de kant. Bij een tweede gele kaart of een directe rode kaart volgt uitsluiting voor de rest van de wedstrijd. Bij een tweede gele kaart mag een wisselspeler na 5 minuten de van het veld gestuurde speler vervangen. Bij een directe rode kaart mag een wisselspeler na 10 minuten de van het veld gestuurde speler vervangen.
De nieuwe spelregelwijzigingen zijn ook van toepassing op de O13, tenzij binnen een pilot of specifieke wedstrijdvorm expliciet afwijkende afspraken zijn gemaakt. Voor de O13 blijven dus de al geldende pilots en specifieke spelregels leidend op de onderdelen waar deze afwijken van de reguliere spelregels, zoals bijvoorbeeld het vliegend wisselen.
Naast bovenstaande wijzigingen, welke louter van toepassing zijn voor het bekertoernooi, zijn de volgende spelregelwijzigingen van toepassing voor alle officiële wedstrijden op een groot speelveld:
Tijdrekken bij een ingooi, doeltrap of een keeper die de bal tijdens het spel te lang in de handen aan het vasthouden is:
- Indien een doelschop niet binnen 5 seconden is genomen, dan zal de tegenstander een hoekschop krijgen.
- Indien een ingooi niet binnen 5 seconden is genomen, dan zal de tegenstander een ingooi krijgen.
- Indien de keeper de bal (tijdens het spel) in zijn handen heeft, dan zal hij binnen 8 seconden de bal moeten spelen, anders zal de tegenstander een hoekschop krijgen.
De scheidsrechter zal bij de eerste 2 situaties op zijn fluit blazen en aansluitend een zichtbare countdown van 5 seconden vormgegeven met opgestoken hand. Bij situatie drie zal hij (logischerwijze) niet op de fluit blazen (aangezien de bal in het spel is), maar zal wel zichtbaar aftellen. De arbiter zal de countdown starten in een situatie waarin hij van mening is dat de spelhervatting niet snel genoeg is uitgevoerd. Dit zal (in de regel) plaatsvinden vanaf 5 seconden, of in een situatie waarin de arbiter van mening is dat een speler opzichtig aan het tijdrekken is. Een voorbeeld hiervan is bijv. bij een ingooi als een speler opzichtig een wedstrijdbal voorbijloopt, om op deze wijze tijd te rekken.
De 10-secondenregel bij wissels
Spelers die worden gewisseld moeten het veld via de kortste route verlaten en krijgen hier maximaal 10 seconden voor. Mocht een speler niet binnen tien seconden het speelveld hebben verlaten, dan moeten ze alsnog het speelveld verlaten. Nadat de arbiter de wedstrijd heeft hervat, moet de invaller (minimaal) 1 minuut buiten het speelveld wachten, alvorens hij het veld mag betreden. Het spel moet eerst worden onderbroken, alvorens de wisselspeler het veld mag betreden. Dit kan in de praktijk dus langer duren dan de beschreven één minuut.
De 1-minuutregeling bij blessurebehandelingen
Als een speler op het speelveld wordt behandeld of de wedstrijd voor een blessurebehandeling wordt stilgelegd, dan moet de desbetreffende speler (nadat het spel door de arbiter is hervat) minimaal één minuut buiten het spel blijven. Nadat de minuut is verstreken mag deze speler, terwijl het spel verder gaat, het speelveld op een teken van de scheidsrechter opnieuw betreden. Mocht een speler geblesseerd zijn geraakt, nadat een tegenstander een gele en/of rode kaart heeft ontvangen, dan hoeft hij het speelveld niet te verlaten. Tevens hoeft een geblesseerde doelverdediger het speelveld niet te verlaten.
Hanteren voordeelregel
Indien een scheidsrechter bij het ontnemen van een duidelijke scoringskans de voordeelregel hanteert, dan heeft dit een gevolg voor de kleur kaart, welke de verdediger op een later moment zal ontvangen. Indien uit de voordeelregel geen doelpunt volgt, dan zal de desbetreffende verdediger alsnog een gele kaart ontvangen. Indien de voordeelregel een doelpunt tot gevolg heeft, dan zal de kaart helemaal achterwege worden gelaten. Deze situatie heeft alleen betrekking op ‘nette’ overtredingen, zoals vasthouden en/of een onvoorzichtige overtreding. Voor buitensporige overtredingen blijft de rode kaart ‘gewoon’ van toepassing.
Tweemaal spelen van de bal bij een strafschop
Indien een strafschopnemer bij het nemen van een strafschop per ongeluk de bal tweemaal speelt, dan mag de strafschop worden overgenomen in het geval de strafschop in het doel terecht komt. Indien de strafschop geen doelpunt oplevert, dan mag de strafschop (logischerwijze) niet worden overgenomen. Het tweemaal spelen zie je vaak in een situatie waarin de speler uitglijdt.
Ik hoop jullie via deze weg een inzicht gegeven te hebben in de recente spelregelwijzigingen voor het seizoen 2026 – 2027. Mochten er vragen en/of onduidelijkheden zijn over deze wijzigingen, schroom dan niet om contact met mij op te nemen. Dit kan via het volgende e-mailadres: voorzitter@sno-nijverdal.nl.
Een sportieve groet,
Maurice Paarhuis









